Vanaf 13 maart is Solution Builder SE versie 6 (build 6.0.0.2905) voor Exact Synergy Enterprise commercieel uitgebracht.

De nieuwe installatieset is te downloaden via:
BSE101_Solution_Builder_SE_6.0.0.2905
Wachtwoord is eddon

Vernieuwde handleidingen:
Installation Solution Builder
Quick Reference Solution Builder

Nieuw in deze versie:

 

ALGEMEEN
  • Entiteittype ‘Project’ als standaard Synergy-project openen
    Wanneer u Solution Builder op een bestaande Synergy Enterprise omgeving installeert, worden standaard projecten omgezet naar entiteittype ‘Project’. Met de instelling “Standaard project entiteittype wordt gebruikt” bepaalt u welke pagina geopend wordt bij het openen van een project. Met de optie uitgevinkt wordt een project als entiteitkaart geopend (CSNOBEntEntityCard.aspx), met de optie aangevinkt wordt een project als standaard Synergy-projectkaart geopend (ProCard.aspx). Meer informatie leest u in blogbericht ‘Entiteittype ‘Project’ als standaard Synergy-project openen in Solution Builder v6‘.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 5.3.2
  • N:M-koppelingen tussen entiteiten

    Met koppelingen is het mogelijk om n:m-relaties te leggen tussen entiteiten. Deze koppelingen zijn op basis van gelijkwaardigheid in tegenstelling tot een hiërarchische relatie zoals bij moeder-kindrelaties. U kunt nu bijvoorbeeld een certificaat aan meerdere opleidingen koppelen. En binnen een opleiding kunnen meerdere soorten certificaten gehaald worden. Koppelingen onderhoudt u via het nieuwe menupad “Add-on | Inrichting | Solution Builder: Koppelingen”. Meer informatie leest u in blogbericht ‘N:M-koppelingen tussen entiteiten in Solution Builder v6‘.

    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 9.4
  • Meer informatie bij velden op entiteittype

    Als een veld aan een entiteittype is toegevoegd, worden bij het bewerken ervan nu naast informatie over het type veld en het label nu ook de ‘Repository naam’, ‘Kolomnaam’ en ‘Tabelnaam’ getoond in de pop-up.

    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 6.2.3.3 
  • Wijzigbaarheid businesscomponent naam van entiteittype

    Voor een entiteittype wordt een businesscomponent toegevoegd aan de repository. De repository is een tussenlaag tussen de programmacode en de database. Een businesscomponent is een object in die tussenlaag die de koppeling verzorgt. Het veld ‘Businesscomponent naam’ wordt bij het aanmaken van een entiteittype automatisch voorgevuld en is te wijzigen. Dit is echter niet aan te raden. Daarom is het veld nu na deployment niet meer wijzigbaar.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 6.1.1

GEBRUIK
  • Icoon tonen bij entiteitgroep

    In de definitie van een entiteitgroep heeft u de mogelijkheid om een “Pictogram” te uploaden. Het icoon is vervolgens te zien in bijvoorbeeld de monitor op een relatiekaart.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 5.4

  • Veldafhankelijke zichtbaarheid bij secties op entiteitkaart

    Bij velden was het al mogelijk, maar nu ook bij secties. U kunt de zichtbaarheid van bepaalde secties op een entiteittype afhankelijk maken van velden op het entiteittype. Zo kunt u bijvoorbeeld afhankelijk van de gekozen waarde in een veld ‘Eigen ingang?’ bij een kantoorpand een volledig nieuwe sectie met velden tonen.

    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 6.2.3.4 
  • URL van knop in nieuw scherm openen

    Wat bij hyperlinkvelden kon, kan nu ook bij knoppen. Heeft u bij een knop voor “Type” ‘URL’ gekozen, dan komt nu ook optie “Open link in nieuw scherm” beschikbaar. Hiermee geeft u aan dat de webpagina na klikken op de knop in een nieuw browser-scherm moet openen.

    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 5.9 
  • Uiterlijk opmerking- en labelveld op entiteitkaart

    Met de optie “Type” in een opmerking- en labelveld heeft u de mogelijkheid om te bepalen hoe het veld er op de entiteitkaart uit moet zien. Zo kunt u zelf de breedte en hoogte bepalen, maar deze ook automatisch laten aanpassen aan bijvoorbeeld de hoeveelheid tekst in het veld. Of open door middel van een loepicoon een pop-up, waarin de tekst getoond wordt.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 5.8.9 & 5.8.6

  • Beleidsdocument aan entiteittype koppelen

    In de definitie van een entiteittype kunt u nu bij “Beleid” een Synergy-document koppelen. Daarin staan de procedures beschreven voor het entiteittype.
    Gebruikers zien het -icoon op de entiteitkaart.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 6.1.1

  • Mogelijkheden om entiteiten (niet) aan te kunnen maken

    In de definitie van een entiteittype bepaalt u “Aanmaken toestaan vanuit het menu” en “Aanmaken toestaan vanuit de module”. Met beide opties uitgevinkt heeft de gebruiker ondanks zijn rechten geen mogelijkheid om entiteiten van dit type aan te maken via respectievelijk het linker navigatiemenu en zoekschermen of via het menu “<Entiteitgroep> | Invoer | Invoer: <Entiteittype>”.

    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 6.1.2 

    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 5.4 

    In de definitie van een entiteitgroep kunt u “Toon de ‘Nieuw’-knop op de zoekpagina’ uitvinken, waarmee gebruikers in zoekschermen geen “Nieuw”-knop meer tot hun beschikking hebben om nieuwe entiteiten mee aan te kunnen maken.

  • Bewaren + Nieuw uit te schakelen

    Vink in de definitie van een entiteittype de optie “Toon de ‘Bewaren + Nieuw’ knop” aan om bij het aanmaken van entiteiten de knop “Bewaren + Nieuw” tot uw beschikking te hebben. Na opslaan van de entiteit komt u dan direct in een nieuw invulscherm om een volgende entiteit aan te maken.

    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 6.1.2 
  • Aantal decimalen bij bedragveld

    Bepaal nu hoeveel “Decimalen” er gebruikt worden voor ingevulde waardes in een bedragveld.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 5.8.2

  • Knop Verwijderen bij overzichten op entiteitkaart

    Wilt u dat gebruikers vanuit overzichten op entiteitkaarten direct entiteiten kunnen verwijderen, dan maakt u middels de optie
    “Toon knop: Verwijderen” het -icoon beschikbaar.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 5.10

  • Adressen in referentievelden

    Bij een ‘Adressen’-referentieveld kiest u een relatie en/of een contactpersoon, waarvan u de adressen kunt selecteren.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 5.8.10

  • Titel van entiteitkaart zelf op te bouwen

    In de definitie van een entiteittype kunt u nu opgeven hoe de titel bovenaan een entiteitkaart getoond moet worden. Kies in het uitklapmenu een van de voorgedefinieerde lay-outs of definieer er zelf een. U gebruikt standaard tags, zoals entiteittype omschrijving of entiteitcode, of u gebruikt waardes uit de entiteitkaart zelf, zoals medewerker- en relatienummer of tekst uit een vrij tekstveld.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 6.1.1

ONDERHOUD
  • Triggers (de)activeren

    In het onderhoud van triggers kunt u deze nu activeren of uitschakelen.

    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 9.3 
  • Toon repository namen van velden op entiteittype

    In het scherm van de aan entiteittypes toegevoegde velden, kunt u nu middels de knop “Toon repository”, naast de labels, de repository namen van de toegevoegde velden te tonen.


    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 6.2.3

  • Naar velddefinitie vanuit entiteittype

    Heeft u in het scherm van de aan entiteittypes toegevoegde velden de repository namen zichtbaar (zie hiervoor) en u klikt op de naam, dan komt u direct in de velddefinitie van het betreffende veld om deze te onderhouden.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 6.2.3

  • Naar onderhoud entiteittype vanuit velddefinitie

    Nadat u een veld heeft opgeslagen, ziet u onderaan de velddefinitie een overzicht ‘Gebruikt op entiteittypes’. Hierin ziet u of een veld is toegevoegd aan entiteittypes. Vanuit dit overzicht klikt u direct door naar de aan een entiteittype toegevoegde velden.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 5.8

  • Beveiligingsinstellingen van andere status kopiëren

    Wanneer u een status toevoegt aan een entiteittype, kunt u de beveiligingsinstellingen van die status die zijn gedaan voor velden, tabbladen en dergelijke op een entiteittype overnemen uit een andere al toegevoegde status. Dit doet u door bij “Kopieer beveiliging van” de al toegevoegde status te selecteren en daarna op “Toevoegen” te klikken om de nieuwe status toe te voegen. De beveiligingsinstellingen voor de velden, tabbladen, et cetera zijn hierna uiteraard naar wens aan te passen.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 6.2.1

  • Verbeterde beveiliging voor tonen van entiteiten

    De beveiliging rond het tonen van entiteiten aan gebruikers is uitgebreid met de volgende opties op de instellingenpagina:

    – Controleer entiteiten op beveiligingsniveau bij leden: Als een entiteit een hoger beveiligingsniveau heeft dan dat van de leden, zal de entiteit voor de leden toch niet te zien zijn.LET OP: Afhankelijk van overige beveiligingsinstellingen kunnen entiteiten toch wel of niet te zien zijn.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 5.3.2

    – Toon entiteiten waar ondergeschikten manager zijn: Wanneer ondergeschikten manager zijn van entiteiten, krijgt hun manager de entiteiten ook in zijn zoekresultaten en overzichten te zien. Wilt u dat niet, dan kunt u deze optie uitvinken.
  • Leden-overzicht op entiteitkaart

    De optie “Toon leden” in de definitie van een entiteittype is nu vervangen door een standaard meegeleverd overzicht ‘ENTITYMEMBERS – Leden’. Dit overzicht is niet te verwijderen en u heeft slechts de mogelijkheid om het beveiligingsniveau en/of het aantal records te wijzigen. Voeg het overzicht toe aan een entiteittype en de leden van een entiteit worden op de entiteitkaart getoond.
    Installation & Configuration Guide – Paragraaf 5.10